Golfen met hockeyster Willemijn Bos

Een jaar geleden zag het leven van hockeyster Willemijn Bos er nog heel anders uit. Toen stond alles in het teken van voorbereidingen op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro. Nadat ze een dag voor de Spelen in Londen haar kruisband afscheurde, zou ze in 2016 eindelijk in actie komen op het hoogste platform. Totdat het in april opnieuw misging en haar deelname alsnog in gevaar kwam.

Tekst: Jansien van Dijk / Fotografie: Jan Willem van Bruggen

We ontmoeten de hockeyster op de Drentsche Golf & Country Club in Zeijerveen, waar ze wel vaker een balletje slaat. Op deze prachtige lentedag wordt al snel duidelijk dat ze haar balgevoel ook heeft meegenomen op de hockeybaan. ‘In 2015 heb ik mijn GVB gehaald, nadat ik een aantal keren met mijn vader had gegolfd. Toen ik voor mijn studie en hockey naar Utrecht en vervolgens naar Amsterdam verhuisde, kwam mijn moeder vanuit mijn geboorteplaats Paterswolde vaak langs om te winkelen, maar daar kon ik mijn vader natuurlijk niet voor uitnodigen. En dus gingen we golfen! Ik vond het spelletje meteen leuk en vind het heerlijk om buiten bezig te zijn.’

Klein meisje
Dat buiten spelen is iets wat Willemijn als klein meisje al fijn vond. Op zondagen ging ze altijd met haar ouders naar het hockeyveld en speelde daar de hele dag door. Met de bal of gewoon verstoppertje, dat maakte niet uit. Willemijn hockeyde weliswaar, maar zat ook op tennis en ballet. De uiteindelijke keuze voor hockey had niets te maken met het feit dat haar ouders zelf ook gehockeyd hebben. ‘Sporten werd bij ons thuis gestimuleerd, maar dan wel een sport die je leuk vond. Het fanatisme zit echt in de familie, maar plezier blijft altijd het belangrijkste. Ik koos voor hockey omdat het spel me aanspreekt en je met een team naar bepaalde doelen toewerkt. Alle verschillende karakters samensmeden tot een sterk team, dat is een mooie uitdaging.’

Talent
Samen met haar broer en zus begon Bos met hockey bij GHHC in Haren, in de volksmond gewoon “Groningen” genoemd. Ze werd altijd in hogere teams geplaatst dan waar ze qua leeftijd hoorde. ‘Ik wist dat ik talent had, maar was daar niet mee bezig. Ik moest me wapenen tegen meiden die net iets groter en sterker waren en vond dat mooi. Voor mij was het qua snelheid aanpoten en aanhaken bij de mensen boven je. Als mensen ergens erg goed in zijn, leer ik daar heel veel van. Dat is echt een karaktereigenschap van mij. Je moet het op een gegeven moment hebben van doorzettingsvermogen en discipline. Talent is dan niet meer genoeg.’

Het harde trainen wierp vruchten af toen Bos in 2007 voor meerdere ploegen gevraagd werd. De keuze viel op Laren, wat ook inhield dat ze naar Utrecht moest verhuizen om daar haar studie rechten te vervolgen. ‘Ik heb bewust gekozen om voor de top van Nederland te gaan, met als consequentie dat ik in het begin minder zou spelen. Dat vond ik niet erg, want ik wilde ontdekken waar mijn plafond lag.’ Tijdens de eerste trainingen keek ze haar ogen uit en vroeg ze zichzelf af of ze het niveau wel aankon. Die fase in haar carrière verliep met ups en downs, maar Bos werd relatief snel opgesteld en mocht minuten maken in de wedstrijden. Na het laatste jaar in Jong Oranje stroomde een aantal leeftijdsgenoten direct door naar het Nederlandse team, maar dat gold niet voor Bos. ‘Ondanks dat het mijn doel nooit was geweest om voor het Nederlandse team te spelen, was dat een teleurstelling. Ik wilde graag een kans, maar moest blijkbaar nog iets extra’s doen’, concludeerde ze. ‘Na driekwart jaar haalde de nieuwe bondscoach mij er alsnog bij en een jaar later zat ik in de selectie voor de Olympische Spelen in Londen.’

Kruisband
Die beruchte Spelen in Londen zullen haar altijd bijblijven. Een dag voor de openingsceremonie scheurde Bos haar kruisband in een oefenwedstrijd. Haar wereld, die op dat moment alleen bestond uit de Spelen, verging. ‘Er zijn veel ergere dingen in de wereld, maar Londen zal altijd een verdrietige lading houden. De revalidatie die volgde voelde als een confrontatie met mijzelf. Het verdriet dat je hebt en de wil om terug te keren… Het voelt zo alleen, terwijl je als teamsporter juist anders gewend bent. Heel leerzaam.’ De gebeurtenis zorgde ervoor dat Bos alles nog bewuster ging beleven. ‘Elke keer dat vanaf toen het volkslied gespeeld werd voor een wedstrijd, bedacht ik me vaak dat het binnen een vingerknip over zou kunnen zijn. Ik ben overal nóg meer van gaan genieten.’ Uiteindelijk stond ze na zes maanden weer op het veld voor een competitiewedstrijd met haar team. Haar revalidatieproces ging relatief snel.

Opluchting
Drie jaar lang kon Bos blessurevrij hockeyen, tot die ene dag in april 2016. ‘We waren volop in voorbereiding op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro, toen ik opeens door mijn geopereerde knie ging. Het enige wat door mij heen ging was: “Dit kan niet”.’ Tot grote opluchting van Bos en haar medische staf bleek haar kruisband niet gescheurd. Een gescheurd kapselgewricht zorgde er echter wel voor dat ze zes weken aan de kant moest blijven. ‘Mijn fysiotherapeut zei dat ik de Spelen nog zou kunnen halen, mits ik verstandig zou zijn en rust zou houden. Dat heb ik gedaan, ook al was dat niet makkelijk. Ik wilde me graag laten zien en had constant het gevoel dat ik achterliep op de rest. De opluchting, toen bekend werd dat ik in de selectie zat, was heel groot.’ Het Nederlandse team won zilver op de Spelen in Rio, maar er had goud in gezeten. ‘We hadden kansen genoeg om de overwinning binnen te slepen, maar we hebben nagelaten onszelf te belonen. We hebben de gouden plak als het ware aangeraakt en weer losgelaten. In Rio was ik op mijn top. Ik heb iedere seconde van de Olympische Spelen genoten en liep met een grote glimlach rond. De hele weg ernaartoe zorgde ervoor dat ik trots op mijn interlandcarrière terugkijk.’

Terugkomst
Voor de Olympische Spelen had Bos al besloten om na de zomer terug te verhuizen naar haar vriend, familie en vriendinnen in het Noorden en Laren te verruilen voor GHHC. Ook ging ze na de Spelen nadenken over de toekomst van haar interlandcarrière. ‘Voor mij was de keuze om te stoppen als international niet snel gemaakt, maar uiteindelijk wel heel duidelijk. Topsport doe je met honderd procent inzet. Ik merkte dat andere ambities en persoonlijke zaken aan me gingen trekken. Ik kon niet meer volmondig ja zeggen tegen hockey, dat zei voor mij al genoeg.’ Haar terugkomst in Groningen ging gepaard met een nieuwe uitdaging op het gebied van werk. Ze is als advocaat begonnen bij Trip Advocaten & Notarissen in Assen, een uitdaging waar ze al een paar jaar van droomde. Ze richt zich met name op arbeids- en ondernemingsrecht en vindt het contact met mensen erg leuk. ‘De puzzel die je voorgelegd krijgt en moet oplossen om samen tot een mooi resultaat te komen, dat spreekt me aan. Ook in mijn werk wil ik het beste uit mijzelf halen. Sparren met collega’s, beter worden in mijn vak en mijzelf ontwikkelen.’ Ook is Bos dus weer terug bij hockeyclub GHHC, waar ze in de Hoofdklasse speelt. In haar spaarzame vrije tijd slaat ze, mits het mooi weer is, een balletje op de golfbaan. ‘Ik ben een echte mooi weer golfer, geniet van de omgeving en het buiten zijn. Maar, als ik op de baan sta, wil ik het ook goed doen. Dat fanatisme gaat er waarschijnlijk nooit meer uit’, lacht ze.

%d bloggers liken dit: